De eerste schoolweek!

oktober 18, 2008

Voor al wie vindt dat Jonah ondertussen wel genoeg de vrijblijvende toerist heeft uitgehangen: helaas pindakaas, dat blijft voorlopig mooi zo. Terrasjes (gisteren nog!), uitstapjes (morgen!), nieuwe mensen en dingen (om de 10 minuten): het internationalisme blijft dapper aanhouden. Maar! Tussendoor is, stiekem, iet of wat schuchter maar niettemin onherroepelijk, het Wintersemester hier begonnen. Maandagochtend stond me voor het eerst sinds eind mei nog eens een les te wachten, voorwaar. Er zouden er later op de week nog 5 volgen. Een overzichtje.

Kognitive Linguistik was de eerste Vorlesung (hoorcollege). De inhoudelijke details zal ik jullie besparen, laten we het over de Professorin hebben. Profiel: een stuk in de 70, anderhalve meter groot, graatmager, leren vestje en laarzen, een piepklein hoofd dat nog kleiner lijkt door de gigantische dot vuilgrijs haar die erachter opdoemt, en een gi-gan-tische bril, die naast haar ogen ook het grootste deel van haar roodbepoederde wangen en strakgespannen voorhoofd bedekt. Het hilarische neveneffect van die bril is dan nog dat alles wat erachter zit door de sterkte van de glazen een stuk smaller lijkt dan de rest van het gezicht. Een foto zou deze beschrijving compleet en overduidelijk moeten maken, maar mijn zoektocht heeft voorlopig nog geen succes. Ter compensatie een beeldende metafoor: denk iets in de richting van de gezamenlijke grootmoeder van Harry Potter en Sid Viscious. Of zo. Ah ja, en ze heeft een baard. Niet zomaar wat haartjes, maar al eerder het soort waar je nadenkend door kan strijken als je nadenkt over een toverspreuk.

Dolle pret dus het eerste uur. Maar daarna volgde het bijhorende Seminarie, van hetzelfde punk-kruidenvrouwtje. Daar hadden we niet van terug. Duidelijk mijn petje te boven. Namen, begrippen en theorieën waar ik maar een vage notie van had, vlogen me om de oren. Meteen na de les ben ik dan maar in de studiegids van de UGent gedoken, op zoek naar een alternatief volgend semester. Exit seminarie, en meteen mijn lesrooster met 25% ingekort. Win-win!

De namiddag was weggelegd voor Linguistik des Wortes. Een pak begrijpelijker, en meteen ook een eerste kennismaking met de legendarische Erasmus-betutteling: een presentatie geven, uiteraard, maar enkel met behulp van een Duitse medestudent! En een paper schrijven moet iedereen, maar om het de erasmussers niet te moeilijk te maken, zijn 5 pagina’s al lang goed! Op het beledigende af, maar ik hou me sterk, en draag mijn lot. 5 pagina’s zullen het worden!

En toen was het alweer weekend. Dinsdagavond de karaoke, die voldeed aan al mijn verwachtingen:er was een café bij waarin je nauwelijks wat van de muziek hoorde, en het was warm genoeg om nog verder weg op het terras te gaan zitten). Wat niet wil zeggen dat ik de anderen hun zangplezier niet gunde, natuurlijk. Sommige cliché’s zijn trots op zichzelf, en daar ga ik niet tegen in.

Donderdag, tweede lesdag. Tijd om het eens over de Eigenartigkeit van de Duitse student te hebben. Die is ten eerste oud. In Gent wek ik met mijn 23 al eens verbazing, hier is dat zowat het gemiddelde – en dus bij lange niet het oudste. Toen de klas tijdens de les Rederhetorik te horen kreeg dat mijn Gentse Kollegin Olivia 19 is, klonk er meteen verbaasd geroezemoes. Op 19 maken ze hier normaal hun Abitur, de afsluiting van hun middelbaar, en lang niet iedereen gaat meteen daarna studeren. Ten tweede: de Duitse student is mondig. Dat gaat van een luid hallo als je de klas binnenkomt – hoewel je niemand kent – over de hele tijd mopjes maken tegen de docent – ook al heb je daar nog nooit les van gehad – tot en met het eisen dat de Leistungen voor een vak (wat je moet doen om punten te krijgen: examen, paper, enz.) aangepast worden omdat ze zo toch al werk genoeg hebben. Dat laatste heeft gedeeltelijk te maken met het feit dat de onderwijshervorming in Duitsland een grote ramp is, en overal 4-5 studiesystemen samen zitten. De proffen zijn dan ook vaak behoorlijk meegaand in hun geklaag. Wij erasmussers zitten daar maar wat bij, voor ons worden sowieso alle regels aan de kant geschoven om het ons naar de zin te maken :) .

Soit, de 3 lessen die dag waren enorm interessant, dus op schoolvlak zit alles hier snor. Tijdens de laatste les nog een geweldige illustratie gekregen van wat een Vorlesung nu net is: een prof die, in een reusachtig maar aardedonker auditorium (we waren met 8, goed verspreid, en ik kon mijn buren in de verte nog nét ontwaren) zijn cursus voorleest, terwijl diezelfde tekst (een compleet van de pot gerukte betekenistheorie) achter hem geprojecteerd wordt. Zo absurd dat het zo in de Vooruit kan als performancespektakel.

En weer weekend! Niet bij te houden, zo snel dat die elkaar hier opvolgen. En om het cliché te ontkrachten dat Erasmus gelijk staat aan eindeloze decadentie: gisterenavond hebben we Tatort gekeken, en morgen gaan we op daguitstap naar Osnabrück – voor zover ik kan oordelen een beetje het Mechelen van de regio. Omdat iedereen, zo nu en dan, eens 70 jaar mag zijn. Al hoeven we daarom niet noodzakelijk allemáál op Sid Viscious te lijken, dat spreekt.

Bis Bald!

Münster, ein update

oktober 11, 2008

Naar het schijnt bloeden de meeste erasmusblogs na de eerste weken dood. Heb ik van horen zeggen. Het was mijn vaste voornemen om dat niet te laten gebeuren, maar ondanks alle goede bedoelingen, lijkt mijn blog sinds twee weken toch in een tamelijk comateuze toestand beland te zijn. Hoekomtda?

Wel, zoals dat komt: Omdat na de eerste, rustige, gezapige weken van op mijn gemakje ontdekken en leren kennen, de erasmusdrukte met ongenadige hevigheid heeft toegeslagen. Sinds begin oktober staat er een enorm enthousiast team van organisatoren en tutoren voor ons klaar om ervoor te zorgen dat er geen dag voorbij gaat zonder dat we er onze handen vol aan hebben. Een kennismakingsavond, een kroegentocht, een stadsrondleiding, de wekelijkse Stammtisch (stop zo veel mogelijk erasmussers in een café en voer ze goedkope drank, een sinds eeuwen beproefd concept), volgende week nog een fuif en natuurlijk: de moeder, vader én zatte nonkel van alle erasmusactiviteiten – een karaokeavond! Mijn deelname aan dat zangvertier houd ik voorlopig, ondanks de beloftes van gratis aanmoedigende schnaps, wijselijk nog even in beraad.

Tel daarbij ook nog eens de dagelijkse, tijdsopslorpende maar helaas verder heel nutteloze Sprachkurs, en de dagen krijgen vleugels. De weinige lege avonden vul ik dan ook graag met wat nutteloos TV kijken, en ziedaar dus de oorzaak van de grote leegte in mijn prille blogcarrière. Maar ik laat het me welgevallen, en de levens vallen hier langzaam in een of andere plooi. Nu met de tweede lichting erasmusstudenten ook al diegenen zijn aangekomen die ook echt degelijk Duits kunnen, en ook de rest van de Belgische (en miniscule Nederlandse) delegatie Münster gevonden heeft, zijn de café-, mensa- en terrasbezoekjes (zolang dat laatste nog gaat) stevig de hoogte in gegaan. Vriendengroepjes worden gevormd, vage plannen gesmeed en lessenroosters raken eindelijk helemaal ingevuld. Want maandag is ook onze vakantie dan toch voorbij. Met 4 seminaries (elk met een paper en een presentatie) wordt het waarschijnlijk behoorlijk zwoegen, maar we hebben er zowaar zin in.

Oh, en ik was het zelf al bijna vergeten, maar: na de halfbakken trip naar München twee weken geleden, kreeg ik vorig weekend het aanbod in de schoot geworpen om nóg eens te gaan, deze keer op een iets professionelere manier: met de bus, en voor een volledige dag. Na een nachtje bus waren we ‘s ochtends om 8u al op post, samen met nog een paar tienduizend anderen. Het is een heel bevreemdend zicht om zo vroeg op de dag al duizenden Duitsers in Lederhosen aan lange tafels grote pullen bier te zien hijsen (en nog bevreemdender om de diensters een hele dag constant met 7-8 van die glazen van elk rond de 2 kilo te zien rondhollen (hóllen ja). Maar het is vooral, omdat je aan zulke grote tafels zit, een constant kennismaken, gezellig praten met al wie maar naast jou komt zitten, en samen proberen het einde van de dag te halen. Een paar uurtjes wandelen door de indrukwekkende Münchense binnenstad zorgde gelukkig voor de broodnodige onderbreking, waardoor we tegen twaalven ‘s avonds heelhuids en doodop een dutje konden gaan doen in de bus naar huis. Als afsluiting van deze update: twee sfeerfoto’s!

Een blik op de Augustiner Brau Zelt, de grootste en populairste tent van de Oktoberfesten.

Een blik op de Augustiner Brau Zelt, de grootste en populairste tent van de Oktoberfesten.

Een Duitser aan onze tafel, rond 12 uur 's middags.

Een Duitser aan onze tafel, rond 12 uur

Overigens mijn excuses voor het grote gebrek aan foto’s. Ik probeer in ware Stijn Beukelaersstijl voor elke camera te springen die ik tegenkom, maar het is helaas nooit de mijne. Ik zal dus eens een grote inzamelactie moeten houden bij de anderen hier om alle foto’s waarop mijn portretrecht rust op te vorderen.

En wijle weer weg. Tot in den draai!

(Oei, het plaatsen van de foto’s lukt blijkbaar niet zoals het zou moeten lukken. Tot nader order moeten jullie het maar doen met de vervormde versie.)

Ein schönes Wochenende

september 30, 2008

Dat is, zoals in mijn vorige post al te lezen was, wat de Deutsche Bahn je belooft als je voor 50 euro een groepsticket koopt waarmee je het hele weekend naar hartelust door Duitsland kan reizen. Nu zal er in de kleine lettertjes van zo’n ticket vast wel te lezen staan dat je voor dat leuke week-end zélf moet zorgen, en dat je niet moet verwachten dat je met allerlei festiviteiten om de oren gaat geslagen worden als je gewoon 48 uur op de trein. En dat hadden de Münsterse Erasmussers mooi over het hoofd gezien. 

En dus stonden we vrijdagnacht, 1 uur na het begin van het weekeinde, met z’n allen gezellig in Münster Hauptbahnhof. Volgens het plan zouden we om 15u de volgende dag in München aankomen, maar al snelbleek dat daar weinig van in huis te komen: onze eerste trein was al een kwartier te laat. Uiteindelijk zouden we met een totale vertraging van 2u, dus om 17u, toekomen in München. Niet zo ideaal, want de Oktoberfesten zijn helaas de Weerdse Bierfeesten niet. Daar wordt nogal wat spel rond gemaakt, met als gevolg dat het al vanaf Mainz (300 km van München) behoorlijk drummen is op de trein. En eens in München aangekomen, kan je je enkel nog tussen de honderdduizenden toeristen met hetzelfde plan werpen, en hopen dat je per ongeluk met z’n 20 aan dezelfde tafel terecht komt.

En dat is ons nog gelukt ook! Zij het dan via een omwegje of 2. De meesten van ons hadden zich er al bij neergelegd dat we nooit op de échte Festen zouden binnenraken, dus hadden we ons met wat kratten bier in een parkje naast de ingang genesteld. Maar al snel merkten we dat dat parkje ook naast één van de tenten lag, en dat slechts een hekje van 30cm ons van ons reisdoel scheidde. Na wat aandachtig toekijken (hoe veel Duitsers worden er na hun inbraak meteen weer buitengekeild door security in lederhosen? – geen!) klommen we zo met z’n allen het terras van de Augustiner Brauerei op, nét op het moment dat een andere grote groep besloot andere oorden op te zoeken (ten slotte past er dan wel een man of 1000 in het kraampje van de Augustiner-mensen, maar het verzinkt totaal in het niets bij de gi-gan-tische loodsen die andere brouwerijen verderop het terrein hadden opgetrokken.)

Wij blij dus, want eindelijk bereikt waarvoor we gekomen waren. Op één iemand na. Eén Turkse Erasmus-student, die nochtans meteen na aankomst de souvenirshops was ingedoken om T-Shirts te kopen, was totaal verontwaardigd bij het ontdekken van de ware aard van de Oktoberfesten: “All people are crazy here, I didn’t know, I want to go home!”. Wat hij terstond ook deed. Nu moet je je bij de Oktoberfesten uiteindelijk weinig meer voorstellen dan een beetje een uit de kluiten gewassen voetbalkantine, dus zo erg is het allemaal niet, maar voor een diepgaand gesprek moet je er, zeker later op de avond, toch ook niet zijn – in een voetbalkantine ook niet, trouwens.

En dat was dan dat! Na wat gemoedelijke verbroederingen met Duitsers, Colombianen, Ecuadorianen en dies meer, zat de pret er weer op. De Oktoberfesten zijn immers een familiehappening, en sluiten dus al tussen elf en één. Vermits een hoop van ons stilaan hun ogen niet meer openkregen van de vermoeidheid en het in sneltempo achterover slaan van een paar liter bier op een nuchtere maag, kwam de Wet van de grote groepen de kop opsteken: als 10 man het ene wil en 10 man het andere, doe je uiteindelijk helemaal niets. Dus tegen 2u zaten we weer allemaal op het station, te wachten op de trein naar huis.

Was het dan een totaal verloren weekend? Natuurlijk niet. Veel van de Erasmussers had ik vooraf hoogstens eens van ver gezien, en ken ik na dit weekend al een pak beter. De Oktoberfesten waren kort, maar het was wel een avond vol opperste verbazing, en dankzij de Deutsche Bahn heb ik nu toch al zowat heel West- en Zuid-Duitsland gezien – en dat was eigenlijk best de moeite: de Kölner Dom bij nacht, het immense station van Frankfurt (de inkomsthal van Antwerpen Centraal, vier keer naast elkaar, een station zo groot dat op ons routeplan de wandeling van 10 minuten tussen perron 113 en perron 23 als een apart stuk van de reis was aangeduid), de indrukwekkende skyline van datzelfde Frankfurt, en het traject tussen Koblenz en Mainz om 6u ‘s ochtends – 150km langs de Rijn bij zonsopgang, met aan de overkant van de rivier de hele tijd mistige bergen, kleine dorpjes en het ene kasteel na het andere. Dus al bij al, als ik volgend jaar terug ga, graag iéts meer georganiseerd, maar ik heb absoluut geen spijt dat ik ben meegeweest. Al plan ik mijn volgende reizen hier de komende maanden wel helemaal zelf.

Oktoberfesten, Erasmus-stijl

september 26, 2008

Duitsland, een land met een eeuwenlange traditie. De grootste filosofen, de beste schrijvers, de mooiste kathedralen, alles vind je in dit land. Het summum van Europese cultuur. En dit walhalla voor elke naar wijsheid en schoonheid smachtende mens kent elk jaar weer zijn hoogtepunt in München, tijdens, jawel, de Oktoberfesten.

Wij (een 20-tal Erasmussers) dus allen daarheen. En hoe. Ondanks het feit dat de Spanjaarden, die het boeltje organiseren, koste wat het kost heel Europa willen afreizen het komende jaar, mag een tripje naar München niet te veel kosten. En dus hebben ze geopteerd voor de allergoedkoopste formule, een ‘Schönes Wochenende’-kaart, een soort kruising tussen een B-dagrip en een Go-pass. Komt erop neer dat we voor 20 euro per persoon heen en terug kunnen naar München. Best sterk, want München ligt in vogelvlucht 515 km van hier. 

Fantastische deal natuurlijk. Dolle pret. De Duitse spoorwegen in onze zak, en voor geen geld naar het grootste bierfeest ter wereld. Maar de Duitse spoorwegen hebben ons ferm bij ons pietje (afin, niet dat de Spanjaarden dat niet op voorhand wisten): we mogen enkel gebruik maken van de regionale lijnen. Het komt erop neer dat we binnen een uurtje vertrekken, morgenmiddag toekomen na een rit van 13u, en om de 2u moeten overstappen. En zondag doen we de hele rit nog eens over, ah ja.

Dus nu zit ik hier te wachten tot het tijd is om naar het station te gaan. In mijn rugzak een overlevingspakket bestaande uit een deken, een tros bananen en 2 liter fruitsap. Klaar voor de zotste treinreis van mijn leven. Een mens doet op Erasmus dingen die hij elders nooit zou doen, zo schijnt het. Klopt dus als een bus, al had ik me daar toch wat anders bij voorgesteld :) . Jedenfalls, Jonah gaat wél naar de Oktoberfesten, en dat kunnen er niet veel zeggen! (Elk jaar slechts zo’n 6 miljoen mensen, om precies te zijn)

Aanrijding in Münster

september 24, 2008

Münster is een fietsstad bij uitstek. Binnen de 5 minuten raak je overal in de stad, en de kans dat ondertussen een auto je pad kruist, is heel klein. Dus voel je je binnen de kortste keren helemaal ongenaakbaar, en race je gezwind door de straten, enkel lettend op andere fietsers. 

Verkeerde instelling, zo blijkt. Toen ik gisteren door mijn geliefde Coerdestraße reed op weg naar huis, zag ik uit een andere straat (van rechts, ja, ik wéét het) een auto komen. Ik vertraag, maar zij ook, en ik was al half het kruispunt op, dus doorrijden maar. Als ik goed en wel de straat op ben, besluit zij echter óók toch maar door te rijden. Paniek mijnentwegens. Ik steek m’n hand uit, om nóg duidelijker te maken dat er iemand vlak voor haar neus rijdt, probeer nog door te rijden, maar ondertussen is ze al aardig op snelheid, dus zit er niets anders op dan mee te draaien en te hopen dat ze zichzelf nog op tijd afvraagt waar ze mee bezig is, vóór ze me raakt. Helaas. 

Nu, een aanrijding tegen 30 km/u, dat is het einde van de wereld nog niet. Een bluts in m’n spatbord en een (extra) slag in m’n achterwiel, maar ik leef nog. Ná de botsing was de vrouw in kwestie dan toch gestopt, en nog voor haar raampje helemaal naar beneden was, begon ik me al te verontschuldigen, omdat het technisch gezien (voorrang van rechts en zo) toch mijn fout was. Na een excuus of 3 en de nutteloze extra info dat ik gewoon wilde oversteken, drong het door dat ze al een hele tijd aan het vragen was of alles in orde met me was (Echt? Alles Klar? Und mit deinem Fahrrad? Ganz sicher? Kannst du noch Fahren? Echt? Ja? Klar?), om dan, zowaar glimlachend, weer verder te rijden. 

Dus ongenaakbaar ben je hier niet als fietser. Maar als er dan toch wat gebeurt, kan je er van op aan dat de andere alle schuld op zich neemt. Een geruststellende gedachte.

 

(En dat allemaal luttele minuten nadat ik was afgeblaft door de vrouw van de immigratiedienst, omdat ik het gewaagd had haar balpen te vragen voor het invullen van een document – haar éigen balpen – haar énige balpen – en dat iedereen hier maar zomaar denkt te kunnen toekomen zónder balpen – en wie mag daarvoor opdraaien – en dat ik ze meteen moest terugbrengen – of ze zou me weten te vinden. Alleen dat laatste heeft ze niet gezegd. Maar ze weet me nu wél wonen, natuurlijk, dus ik blijf op m’n hoede.)

Nieuwe Mitbewohnerin!

september 22, 2008

Duitse studenten, dat komt en dat gaat zonder dat je er erg in hebt. Normaal wonen hier Nadine, Simona, Lars en Frank. Lars is er net bij, maar heeft hier 2 jaar geleden al eens een paar maanden gewoond, net als een zekere Kristof. Tussendoor was er nog Jonas, maar die is nu afgestudeerd. Nu ben ik dus een semester in Nadines plaats, en zit Simona anderhalve maand in Zwitserland. In háár plaats komt vanaf morgen ene Julia, en dat voor welgeteld 10 dagen. Daarna neemt, tot het einde van oktober, nog een ander meisje de kamer over. Untermieten, zwischenmieten en umziehen aan de lopende band dus. Ik vind het allemaal wel, hoe meer zielen hoe meer vreugd. 

Tegelijk met Julia’s bezoek was Frank nog volop aan het bekomen van het feit dat hij maar nét een GEZ-man uit onze WG had kunnen houden, die al tot in de hal van het gebouw was weten te komen. Hij was doodleuk ons kot binnengewandeld als Frank niet nét voor hem weer binnen was gegaan om de deur te sluiten. Behoorlijk volhardend volkje dus, en vanaf nu geldt er dan ook algeheel verbod op het openen van de deur voor al wie je niet verwacht :) .

Maar eind goed al goed: een nieuwe Mitbewohnerin én uit het niets ook een nieuwe afwasmachine. Als we ert tenminste op één of andere manier in slagen die te installeren en aan te sluiten in onze al overvolle keuken, maar dat kan de pret voorlopig niet drukken.

Ich war zweimal besoffen auf dem Flohmarkt, und habe nur Scheisse gekauft

september 20, 2008

Citaat van de dag komt van Lars, maar daarover zodadelijk meer. Beginnen bij het begin. 

Zoals gezegd waren mijn eerste dagen hier wel héél rustig: overdag de stad verkennen en de noodzakelijke aankopen doen (Duitse simkaart, nieuwe rugzak, fiets …), ‘s avonds met de huisgenootjes iets drinken en wat TV kijken. Niet bepaald het mythische Erasmusleven, maar dat deerde me ook niet, want het was ideaal om wat te settelen. Maar ik was toch blij dat het Erasmusteam donderdag de eerste Erasmus-Stammtisch organiseerde. Een avondje café met de andere Erasmusstudenten dus, die ik nog niet had kunnen ontmoeten, omdat ik niet meedoe aan de taalcursus en ook niet in het home zit waar de meeste andere Erasmussers samenhokken. 

Zo’n eerste Stammtisch komt in het begin vooral neer op een eindeloos herhalen van het vraag-en-antwoordspelletje “woherkommstdu/wasstudierstdu?”. Wél in het Duits allemaal, want op twee Portugezinnen na, doet iedereen, hoe stamelend ook, zijn best om zo weinig mogelijk Engels te praten. Afin, niet dat ik het bij iedereen getest heb, want na de 5e kennismaking wil een mens wel eens gewoon een deftig gesprek voeren van langer dan 10 seconden, dus de meeste Erasmussers zijn nog grote onbekenden voor me. En uiteindelijk ben ik toch bij de Duitse tutoren (de mensen die alles zowat organiseren voor ons) beland, die me terstond en spontaan complimenteerden met mijn Duits. Zolang mijn docenten daar anders over denken, ben ik er natuurlijk niet veel mee, maar trots was ik wel!

Exit de Erasmussers (om 1u sloot de bar en ging iedereen slapen omdat ze de dag erna weer taalles hadden – zeg nog eens dat Erasmussers enkel kunnen feesten en drinken), vrijdag was het de beurt aan de inheemse bevolking. Lars en Frank namen me mee naar hun favoriete bar in Münster – mateloos populair omdat een halve liter Long Island Ice Tea er een schamele 3,30 kost. Frank moet nog studeren, en Lars wilde absoluut om 6u opstaan om naar de beroemde Münsterse Flohmarkt te gaan (we komen dichterbij!), dus werd ik al snel aan de goede zorgen van Anna en Jan overgelaten, een uiterst sympahiek gezelschap met wie ik me de hele nacht enorm geamuseerd heb. Meer nog: na lang denken ontdekte Anna dat ze tóch iets van België kent: dEUS is één van haar lievelingsgroepen, en ergens in oktober ga ik mee naar hun optreden kijken in Köln :) . Zeker mensen dus die ik hopelijk nog vaak ga terugzien.

En dan tot slot: de Flohmarkt (rommelmarkt dus). De grootste in Europa, jaja, als dat niet indrukwekkend is. Op vrijdagavond wordt zowat de hele Promenade (de parkdreef rond de binnenstad) vol kraampjes gezet, en dat ding is 5km lang. Vanaf zaterdag in de héél vroege ochtend barst de rommelverkoop dan langzaamaan los. En daar wilde Lars dus op een goddeloos vroeg uur naartoe. Nu wil het toeval dat ik nog maar net thuis was toen hij opstond zaterdagochtend, dus ik mee de fiets op richting Promenade. Ik had niets nodig, heb ook niets gekocht, maar het vreemde schouwspel was wel het bezoeken waard: kilometers lang liggen in het donker kraamhouders in hun slaapzak achter hun tafeltjes, sommigen zijn al wakker en zitten bibberend (ook in het buitenland wordt het winter, jawel) met wat theelichtjes en een thermos te wachten tot één van de bezoekers de moeite doet om met hun zaklamp hun waar wat beter te bekijken. Hier en daar is er zowaar volk aan het barbecuen, en de eetstanden zijn al volop worst aan het bakken. Om half zeven ‘s ochtends. Uiteindelijk kocht Lars één T-shirt. Om half zes opstaan voor één T-shirt, dat getuigt van discipline. En meteen een gezapig einde van mijn eerste Münsterse vrijdagavond.

Lass keinen drein, den du nicht kennst!

september 20, 2008

Dat was de onheilspellende boodschap die Frank me gisterenavond tussen de soep en de patatten meegaf. Ik mag nooit zomaar iemand binnenlaten die onverwachts komt aanbellen en die ik niet ken. Niet omdat hij bang is dat mijn meisjeskamer ongure types met verkeerde gedachte gedachten zou kunnen aantrekken, maar omdat iedereen in Duitsland zich verstopt voor de beruchte GEZ. De GEZ, of Gebühreneinzugszentrale, is de organisatie die zich bezighoudt met het innen van kijk- en luistergeld, en dat doen ze op een behoorlijk sluwe manier. Incognito bellen ze aan bij onwetende Duitsers. Vanaf het moment dat je ze binnenlaat, zijn ze gerechtigd om je TV, radio en internetaansluiting te registreren, en daar moet je dan voor betalen. Laat je ze niet binnen, dan kunnen ze je niets maken. Volgens Frank worden die controleurs dan ook constant “verarscht” door jan en alleman, en krijgen ze van deur tot deur te horen dat niemand TV, radio of internet heeft. Maar de schrik om te betalen zit er wel altijd in, zodat ze hier kleine neurotische gewoontes hebben, zoals altijd de keukendeur dichtdoen als ze niet in de keuken zijn – want daar staat de TV, dus dan valt die al niet meer op :) . Stasipraktijken op kleine schaal dus, maar de Duitsers maken er een sport van.

Willkommen in meinem Blog!

september 18, 2008

Zo. Op vrij algemene aanvraag, en om het mezelf makkelijk te maken, maak ik vanaf vandaag werk van mijn voornemen om het thuisfront via een blog op de hoogte te houden van mijn Erasmusavonturen in Münster. 

Omdat iedereen het maar blíjft vragen: Münster ligt in het westen van Duitsland, 125 km boven Köln en zo’n 260 km van Brussel. Heel dicht bij huis dus, en toch mijlenver weg: Anna, een Duitse die gisteren zo vriendelijk was om me het Münsterse uitgaansleven te leren kennen ( waarover later meer), vertelde me dat ze België als buurland van Duitsland constant vergeet. Niemand weet er iets over te zeggen, Brussel doet nog een belletje rinkelen, maar van Gent heeft bijna niemand al gehoord. Maar dat betekent natuurlijk ook dat België geweldig exotisch is voor hen, waardoor iedereen heel erg benieuwd is naar allerlei weetjes over mijn Heimat.

Maar goed, over België weten jullie zelf al genoeg, meer over mijn Ersatzheimat! Ik woon hier in een Wohngemeinschaft in het Kreuzviertel, een mooie rustige wijk vlak boven de binnenstad, die blijkbaar enorm geliefd is bij Duitse studenten. Wohngemeinschaften zijn de Duitse koten, maar dan anders: bijna iedereen woont hier met enkele vrienden samen in een appartement. Ik neem een half jaar de kamer over van een Duits meisje, en dat is eraan te zien: de muren hangen vol met foto’s van katten en konijnen, haar boekenplanken worden geweldig functioneel gevuld met lege potjes, beeldjes en nog meer foto’s van katten en konijnen, en aan het plafond hangen, hou jullie vast, van die sterren die oplichten in het donker. Een beetje wennen dus, maar verder is het hier grote luxe, dus ik neem het er graag bij.

Mijn Mitbewohner voor het komende half jaar zijn Simona, Lars en Frank (en diens vriendin Vera, die hier zo goed als inwoont). Simona zit nog tot half oktober in Lausanne, dus voorlopig zijn we hier met ons viertjes. Lars is geen student meer, maar doet iets met computers (als ik me eens grondig verveel zal ik wel eens vragen wát precies), Frank en Vera studeren nog wel, en zitten nu nog midden in hun examens. Dat betekent dus dat het hier voorlopig erg rustig is: mijn eerste twee Münsterse avonden waren gevuld met Uno spelen en Malcolm Mittedrin kijken, waar Lars nogal fan van is (Malcolm in the Middle dus – een kort intermezzo: in Duitsland wordt alles op TV gedubd. Het is enorm vreemd om Die Simpsons te kijken met totaal andere stemmen, maar het is wél goed voor mijn Duits :) . Het grappige is dat ze effectief voor dezelfde buitenlandse acteur telkens dezelfde stem gebruiken. Bij elke nieuwe film met pakweg Brad Pitt moet dus dezelfde Duitser komen opdraven om zijn stem te dubben.) 

Die eerste dagen heb ik dus vooral op geheel toeristische wijze door Münster geslenterd, om te merken dat het hier een erg mooie, groene stad is, vol parken en pleintjes, en een binnenstad waar je bijna nergens in mag met de auto of zelfs de bus. Foto’s hiervan volgen zeker nog.

Zo, tot zover de noodzakelijke inleiding, op naar het echte werk.

(De titel van mijn blog is trouwens geen pseudopoëtische uitspatting van mezelve, maar een literaire ode. Googlen op Heinrich Heine, iedereen!)


Follow

Get every new post delivered to your Inbox.